STEM op school

Onze school investeert reeds 15 jaar in een Doezelklas (DOE-het-ZELf-klas) waar de nadruk ligt op het verwerven van de technologische en muzische doelen die in de klas niet altijd voldoende aan bod komen. 

We focussen hierbij ook op het zelfstandig leren werken, fouten kunnen opsporen en bijsturen indien nodig.

Voor deze werking doen we erg veel beroep op lokale bedrijven, ouders e.a. om bijvoorbeeld kosteloos materiaal te schenken. 

Op deze manier verplichten we onszelf ook  om ‘out-of-the-box’ te denken en niet te werken met kant-en-klare pakketten.

Doorheen de  jaren merken we toch dat er ook veel interessante  en leerrijke middelen op de markt komen die toch een investering vragen. 

Om die reden schreven we ons in om mee te doen aan het STEM-project.

Hieronder vindt u meer uitleg over het verloop van dit proces en onze toekomstplannen!

Leest u zeker verder!

 

september 2014... het STEM-project wordt 'unplugged' opgestart:

 

Na goedkeuring van het project (en ervoor ook al eigenlijk) zijn we onmiddellijk gaan samenzitten met de lerarenopleiding UCLL. 

 

Per uitzondering is daar één student vrijgemaakt die zijn hele ingroeistage heeft mogen gebruiken op onze school. 

Als opdracht moest hij de leerlingen laten kennis maken met de basisprincipes van het programmeren.

Deze stage werd uiteraard ondersteund door de leerkrachten van de Doezelklas en lectoren van UCLL.

Al snel kwamen we tot de conclusie dat we het programmeren ‘unplugged’ wilden opstarten  om de basis bij te brengen en ons niet laten af te leiden door (te) leuke gadgets.

Tijdens het werken  zelf zouden we dan ontdekken welke weg we concreet zouden uitgaan en welke middelen we dan nodig zouden hebben.

 

De eerste maanden werd deze fase opgestart en uitgevoerd;

de student kreeg een lokaal met een tiental computers en een uurrooster werd opgemaakt. 

De leerlingen maakten kennis  met de basisprincipes van het programmeren.

Vaak kon dit met freeware en kosteloos materiaal, voorbeelden van unplugged programmeren zijn:

  • een leerling geblinddoekt laten lopen en die laten ‘aansturen’ door een andere leerlingen
  • een programma laten leggen met kaartjes
  • online laten programmeren met Scratch, code.org, Angry Birds, …
  • een robot op bord een parcours laten afleggen met kaarten

Deze vormen werden snel overgenomen in de klassen: 

leerlingen wilden het spel uitspelen, construeerden zelf spelletjes die dan door medeleerlingen uitgetest mochten worden enz.

Ook door de klasleerkracht werd dit als zeer positief ervaren.

STEM-materiaal wordt aangekocht...

Naast het geven van deze lessen 'unplugged programmeren' hebben een aantal leerkrachten, lectoren van de UCLL en de student gekeken wat er eigenlijk allemaal op de markt is en wat beantwoord aan de doelstellingen die voorop gesteld werden. 

We merkten dat er veel leuk materiaal is maar ook evenveel materiaal is dat inhoudelijk niet zo interessant blijkt te zijn.

Na enkele bijeenkomsten hebben we echter een lijst kunnen opmaken met leuk maar ook didactisch verantwoord materiaal.

Bij deze keuze werd ook rekening gehouden met de  hele school: 

er is dus materiaal dat al in de eerste leerjaren gebruikt kan worden tot materiaal dat echt voor het zesde of specifiek projectwerk bestemd is.


...en onmiddellijk uitgetest met enkele pilootklassen!

Tot aan deze fase werd er vooral verkennend gewerkt.

Deze manier van ontdekken werd zeker verder gezet (wat wel even duurt met 31 klassen) maar ondertussen gingen we ook een stapje verder met de Doezelklas en enkele extra-gemotiveerde klassen & leerkrachten.

 

testopstelling 1:

In de doezelklas werden de bots, MakeyMakey en Dash&Dot onmiddellijk ingeschakeld als volwaardige activiteit. 

Zo moesten de kinderen bijvoorbeeld een parcours maken met de bots en dit foutloos programmeren.

We probeerden dit dan ook te koppelen aan bestaande infrastructuur: 

er werd (ook door hen) een stop-motionfimpje gemaakt, filmpjes, bijpassende geluiden, …

testopstelling 2:

Eén klas gebruikte de Makey Makey om reuzegrote geometrische figuren uit karton geleidend te maken: 

wanneer bezoekers de figuren aanraakten bedienden ze eigenlijk een toets van een piano er kon dus muziek gemaakt worden door van de ene figuur naar de andere te lopen/duwen/…

 

Deze klas was zo enthousiast door de ontdekking van elektriciteit dat hier aanvullend elektrisch materiaal voor gekocht werd. 

Zij hebben (naast de gewone  lessen elektriciteit) ook zelfs stroomkringen, alarmen, .. gemaakt met led’s, schakelaars, …en dit in de klas!

 

Dit alles sloeg dan weer zo aan dat er uiteindelijk klasoverschrijdend gewerkt werd en alle vijfdes deze lessen gekregen hebben en effectief met elektrische componenten gebouwd hebben

testopstelling 3:

Tijdens het schoolfeest werd er naast de gebruikelijke workshops ook een STEM-workshop opgericht.

Hier konden kinderen (en ouders)  kennis maken met de programmeerprogramma’s op de computer maar ook met de aangekochte producten.

Deze workshop had erg veel succes en leverde ook een derde Lego Mindstorms op van een enthousiaste ouder.Dit zijn maar enkele kleine voorbeelden die illustreren dat wij het zeer belangrijk vinden om dit materiaal echt te  integreren in onze onderwijsvisie en aanpak.

Door deze kleine testopstellingen werd ons bijvoorbeeld snel duidelijk dat de Engelse gebruiksaanwijzing een te grote drempel is voor de kinderen.

Ze hervallen dan steeds in spellen die ze eigenlijk al kunnen. Om die  reden werd er bijvoorbeeld een Nederlandstalige gebruiksaanwijzing van de ProBot geschreven.  (indien gewenst kan u deze steeds aanvragen)



 

heel het schoolteam doet mee:

In dit project zijn we de collega’s natuurlijk ook niet vergeten,

van bij het begin werden zij regelmatig ingelicht over het project, de middelen en de aankopen die gedaan werden.

 

Dit gebeurde meestal op een personeelsvergadering maar even vaak in de wandelgangen waar enthousiaste leerlingen (en hun klasleerkracht)andere aanspoorden om ook aan de slag te gaan.

 

De drempel naar het echte programmeren is nog erg groot maar werd wel degelijk sterk verlaagd door de toegankelijke middelen die nu voorhanden waren. 

De collega’s konden eigenhandig  ervaren dat de basis echt wel haalbaar is en STEM mogelijkheden biedt die te combineren vallen met sterktes die zij zelf hebben. 

 

Tijdens het jaar volgden enkele leerkrachten ook de ICT-dag in Heverlee die rond STEM werkte en de twee doezelmeesters volgden ook al meermaals enkele Fixxyworkshops in Gent.

 

Na enige tijd werd er ook samengewerkt met de werkgroep UDL (universal Design Learning) omdat hun opvattingen rond goed onderwijs erg nauw aansluiten bij dit hele opzet: 

op een andere manier lesgeven, een brede kijk krijgen, alle talenten aanspreken met aandacht voor techniek, wetenschap, …

In het submenu UDL op deze website reserveerden we alvast  een plek om ervaringen, materialen, filmpjes, … te delen. 

 

Dat de extra aandacht (en budget) voor STEM een succes was bleek bij de keuze van de pedagogische studiedagen van het nieuwe schooljaar: er werd met een grote meerderheid gekozen om rond techniek te werken en hier een echt werkpunt van te maken.

Onze school schreef zich in voor het traject “Techniek? Ook in mijn klas!”, schooljaar 2016-2017.

Ondertussen werd onze school ook uitgenodigd voor de studiedag ‘STEM in het basisonderwijs’ waar we zeker mee zullen aan doen.

Verder gaan er dit jaar ook enkele leerkrachten naar de bijscholing STEM in Technopolis.

 

STEM als proces :

Bij heel dit gebeuren werd het al snel duidelijk dat onze eerste ingeving  (het oprichten van een STEM-kamer in de Doezelklas) misschien niet de beste aanpak was.

 

Dit zou erg interessant zijn voor de Doezelklas maar de kloof met de klaspraktijk en leerkrachten die minder open staan voor STEM weer groter maken. Uit het team klonk eveneens de vraag om alles toegankelijk te houden.

Er werd dus geen specifieke kamer gebouwd maar wel dozen  waar materiaal klaar in staat, 

wanneer het materiaal niet specifiek in  een klas gebruik wordt staan deze middelen wel in de Doezelklas waar ze ook effectief ingezet worden. 

 

Bij een project (zoals aanleren van ‘links’ en ‘rechts’ in het eerste leerjaar) worden deze dozen ginder gebruikt.

Door deze dozen in tussentijd in de Doezelklas te integreren worden het geen ontdekdozen die lange tijd ongebruikt  in de kast staan.

 

Op lange termijn voorzien we wel dat de impact van deze werkmiddelen zo groot wordt dat de kamer als het ware automatisch zal transformeren tot een STEM-kamer. 

 

Zo worden er nu al foto’s gemaakt (met de aangekochte webcam) die bewerkt worden met een green screenprogramma.

Er werden ook enkele bedrijven aangesproken maar vaak bleken de mogelijkheden (voorlopig) nog te beperkt.

Zo bleek een bedrijfsbezoek vaak wel mogelijk maar past eigenlijk beter in een klasproject dan in dit grote geheel: 

voor een bedrijf is het natuurlijk niet mogelijk om 31 klassen te ontvangen, wel werden er contacten gelegd om dit met met klassen verder te verdiepen.

integratie en toekomstplannen:

Globaal bekeken mogen we er zeker van uit gaan dat onze grootste verwezenlijking nog altijd ligt bij het aanbieden van aantrekkelijk STEM-onderwijs (en dan niet alleen in de Doezelklas) alsook het enthousiasmeren van collega’s die hier ook inhoudelijk de meerwaarde van inzien.

 

Bij het opstellen van de nieuwe jaarplanningen WO is er duidelijk een veel sterkere aandacht voor een STEM-onderwerp.

 

Verder komen er ook veel meer leerkrachten de ‘hulp’ inroepen om bestaande klasprojecten een meer technische  aanvulling te geven enz.

Daarnaast valt het ons ook op dat er véél vaker kinderen tijdens lessen nog even naar de Doezelklas mogen om een projectje af te werken. 

Dit duidt er duidelijk op dat leerkrachten inzien dat technische talenten ook benut dienen te worden en ook hun waarde hebben.

Er wordt een tuinproject opgestart waarbij niet alleen gekeken wordt naar het zaaien, de planten, … maar leerlingen ook zelf mee mogen ontwerpen bouwen aan de serres, tuinbakken, … 

 

Concreet is dit gestart met de aankoop van enkele zware balken die verankerd moesten worden. 

(de leerlingen werkten met schroeven, hefbomen, verbindingen leren maken, ...).  

Dit jaar gaan willen we een irrigatiesysteem ontwikkelen, gebruik maken van kleine zonnepanelen, …

Deze manier van denken getuigt voor ons van een aandacht voor STEM in schoolprojecten.

(Meer uitleg over het tuinproject vindt u in een aparte bijlage.)

 

besluit:

We willen deze trend zeker verder zetten. 

De interesse  is gewekt, er is veel bruikbaar en prachtig materiaal aangekocht, door dit project heeft onze school een echte boost gekregen.

 

Zoals eerder vermeld gaan we volgend schooljaar (hoogstwaarschijnlijk) allemaal intensief werken rond techniek in de klas. 

Ook de nieuwe opsplitsing van de leerplannen van wereldoriëntatie worden aangegrepen om een nieuwe kijk te nemen op bestaande klasprojecten. 

Zeer concreet gaan we nog investeren in enkele I-pads omdat veel materiaal alleen hiermee werkt.

 

Verder zal ook de ICT-coördinator het project mee  ondersteunen en onervaren leerkrachten ondersteunen bij de eerste lessen programmeren in de klas enz. Hij neemt hierbij de rol over die de UCLL-student vervulde.

De Doezelklas blijft natuurlijk voort bestaan en zal (naast de aandacht voor het programmeren) zeker aandacht blijven besteden aan het verhogen van de waardering voor technische beroepen en talenten, dit zowel voor meisjes als jongens. 

Dit zal zeker verder blijven gebeuren in een omgeving waar breed geëvalueerd wordt zodat een aantrekkelijk STEM-onderwijs verzekerd blijft.